Accueil > Le Haras national du Pin se dévoile > Artiesten > Schilders
    

De Haras, een creatieve plek

Zangers en artiesten

Schilders

Edgar Degas

Vanaf 1861 kwam Edgar Degas verscheidene jaren op bezoek op het kasteel van Ménil-Hubert-en-Exmes, dicht bij de Haras du Pin, bij zijn vrienden, de familie Valpinçon. Paul Valpinçon was een jeugdvriend van Edgar Degas.Hij ontdekt de Haras du Pin en het belang van het paard in de streek die het landschap van de Orne markeert. In zijn schetsboeken beeldt hij de Haras du Pin af maar hij schildert ook de paarden uit de streek en de renbanen van led Pin en Argentan.Zou Degas, die beroemd is zowel om zijn afbeeldingen van paarden als van danseressen, zich evenveel in paarden hebben geïnteresseerd zonder zijn talrijke verblijven in de Orne?Men kan het zich met recht afvragen als men het werk van studie en onderzoek van het paard bekijkt dat hij zijn leven lang heeft uitgevoerd. Edgar Degas stond aan het begin van zijn carrière toen hij voor de eerste keer in de Orne kwam: hij was pas 27 tijdens zijn eerste verblijf.
We hebben 38 notiteboeken van Edgar Degas, en in boek 18 beeldt hij de Haras du Pin en het dorp Exmes af. Dit boek was tegelijkertijd een schetsboek, een adresboek en een werkalbum. Voor de afbeeldingen van de Haras du Pin en het landschap zijn het schetsen met bruine inkt die soms zijn bewerkt met bruine en grijze lavis.

Redproducties van 3 pagina’s van het schetsboek met teksten (rechten BNF)

 

 

Pagina 1: tekst en schets beneden die ongetwijfeld het dorp Exmes afbeeldt.“Wandeling op de Haras du Pin // La Garenne – de weg naar Argentan verlaten en / met Paul (Valpinçon, een oud klasgenoot en levenslange vriend van Degas) in rechte lijn naar Exmes // Precies Engeland, kleine en grote weiden, allemaal omzoomd door heggen. Vochtige paden, poelen / groen en beschaduwde grond. Het is helemaal / nieuw voor mij, want in St. Valéry lijkt mij het land minder vet en beplant dan hier.// Klimmen, dalen, de hele tijd over groene heuveltjes. / Aangekomen in een bijna ondergelopen pad. Toch een weggetje / met een hoge berm. Ik herinner me deze geniale achtergronden van Engelse schilderijen, zoals la Barrière / of de schaduw van de ruiter, de wolf en het lam, etc. / Geheel onder de bomen. Kleine boerderijen overgestoken / aangekomen op het land van meneer Leriche. Op dit moment / lees ik Tom Jones en niets maakt een betere achtergrond / voor al deze personages. De weg omhoog naar Exmes. // Het is een goed voorbeeld van een net dorp, met de kerk / en bakstenen huizen. Beneden, weiden op de / voorgrond. Ik denk aan meneer Soutzo (prins Nicolas Soutzo, een artiest en vriend van de familie Degas), en aan Corot. Zij alleen / zouden zich enigszins interesseren in deze kalmte."

Exmes, oude kerk. Hoe kan men daar leven? / langs heuvelachtige en beboste weggetjes – na een / halfuur plotseling uitkomen bij een allee / van een park met hekken. Begin van de herfst.”

Pagina 2: vervolg van de tekst en afbeelding van de allee Lodewijk de XIVde met op de achtergrond de Haras du Pin.

“de dode bladeren snerpen onder onze voeten. Je zou verwachten / dat paarden te voorschijn komen. // Plotseling komen we aan in een grote allee die / naar het kasteel leidt. Het is de allee van Maisons-Laffitte.”

De Haras dateert uit de tijd van Lodewijk XVde. Bij de ingang twee gebouwen / met onderkomen zoals de stallen in Versailles.”
 
 
 

Pagina 3: tekst en waarschijnlijk afbeelding van de terrassen van het kasteel van de Haras du Pin.“van het terras achter het kasteel, uitzicht op een landschap / dat absoluut lijkt op dat van kleurrijke Engelse / koersen en jachtpartijen.”

Tekst en notities: catalogus “Degas: het model en de ruimte”, cultureel centrum le Marais, Parijs, 1984 volgens “The Notebooks of Edgar Degas”, T. Reff, Oxford, 1976.

 

 

Raoul Dufy

De jonge Raoul Dufy, afkomstig uit Le Havre en werkend in een bedrijf dat koffie importeert, volgt tegelijkertijd de avondcursus op de Gemeentelijke school voor schone kunsten waar hij Othon Friesz heeft leren kennen. Hij komt in de Orne verblijven, dicht bij Alençon in St-Denis-sur-Sarthon, met zijn broer Jean tijdens de herfst van 1939 en de winter van 1940. Twee aquarellen die de Harsas du Pin voorstellen zijn bewaard in de musea van Libourne en Baltimore (V.S.). De eerste die van 1939 dateert is ongetwijfeld gemaakt tijdens het verblijf van de schilder in het departement van de Orne. De onderwerpen verbonden met het paard hebben Raoul Duft geïnspireerd, want hij heeft in het bijzonder talrijke renbanen geschilderd: Ascot, Epsom, Goodwood, Deauville, Longchamp, Nice.



Uittreksels van de catalogus “Orne, land van artiesten”, Jean ARPENTINIER, Musée des Beaux-Arts et de la Dentelle, Alençon, 1999.

 

DUFY,« Le Haras du Pin », olieverf op doek, 1939, MNAM, J.Faujour-RMN

André Mare

Deze in Argentan geboren schilder en binnenhuisarchitect uit de Orne die de meubelkunst uitoefende bij de Compagnie des Arts Français, herinnerd tijdens de expositie “André MARE, aan de bron van het Kubisme en de Art Déco” die in 2005 plaatsvond in het Musée des Beaux-Arts et de la Dentelle te Alençon, beëindigt zijn carrière door zich geheel aan de schilderkunst te wijden.Door de Haras du Pin af te beelden toont André MARE, zelf een uitstekend ruiter, zijn belangstelling voor paarden, waarbij hij deze op de voorgrond plaatst en de gebouwen van de Haras du Pin wegdrukt, ze daarbij behandelend met een vereenvoudiging die karakteristiek is voor de stijl van de artiest na 1921.

Uitrekseks uit een notitie van Aude PESSEY-LUX, conservatrice van het Musée des Beaux-Arts et de la Dentelle te Alençon
MARE, « Le Haras du Pin », olieverf op doek, 1924, museum voor moderne kunst, Troyes, G.Blot-RMN